|
JUBILEUMCONCERT:
40 JAAR GENNEPS VOCAAL ENSEMBLE
(Martinuskerk,
Gennep ~ zondag 13 mei 2001)
Afgelopen
zondag 13 mei gaf het Genneps Vocaal Ensemble (GVE) in de
Martinuskerk haar jubileumconcert bij gelegenheid van het 40 jarig
bestaan.
Om
haar band met de Gennepse gemeenschap uit te drukken opende
"het Vocaal" het
concert met het Genneps Volkslied, een werk overigens dat uit de
schoot van het koor afkomstig is. Het betreft hier namelijk een
compositie van één van de oud-dirigenten van het GVE.
Het
- ondanks het zeer mooie lenteweer - talrijk opgekomen publiek, werd
naast de zang van haar "eigen" koor ook nog getrakteerd op
bijdragen van twee gastkoren: het Koninklijke 's-Hertogenbosch
Mannenkoor en het koor Femmes Vocales uit Maastricht. De twee
mannenkoren onder leiding van Marius Schouten, het Maastrichtse
dameskoor met Cécile Schouten (inderdaad de zus van Marius) als
dirigente. Hetgeen volgde heeft duidelijk onderstreept dat de
familie Schouten uit het goede muzikale hout gesneden is.
Wat
vooral opviel was het avontuurlijke en gedurfde programma dat zich
bepaald onderscheidt van wat men doorgaans voorgeschoteld krijgt bij
dergelijke (koren)concerten.
Dit
programma onderstreepte weer eens dat componisten wanneer ze over
religieuze of spirituele motieven componeren het beste in zich naar
boven halen. Dit geldt zeker voor de Fransman Poulenc waarvan zowel
"het Vocaal" als Femmes Vocales een werk hadden gekozen.
Helaas werden de eerste twee door het GVE uitgevoerde "Petites
Prières" van
Poulenc wat ontsiert door een niet geheel zekere intonatie.
Hoogtepunt
voor de pauze was zondermeer de uitvoering van het "Jubilate
Deo" van de Belg Flor Peeters waarbij de krachten van de
Gennepse mannen en de Maastrichtse dames gebundeld werden. De
schoonheid van Peeters geheel eigen muzikale taal geeft zich niet
direct prijs maar is altijd indrukwekkend van zeggingskracht. De
orgelpartij is daarbij vaak meer dan alleen maar begeleiding,
Peeters was - behalve componist - zelf een van de
allergrootste Belgische organisten. Opvallend was dat het GVE en
Femmes Vocales direct prachtig samenklonken. De balans was
voorbeeldig, de dames -veel geringer in aantal- stonden hun
mannetje!
Na
de pauze was Femmes Vocales nog te horen in werk van Caplet en Verdi.
Diens "Laudi alla Vergine Maria" (meestal als onderdeel
van de Quattro Pezzi Sacri uitgevoerd) besloot het aandeel van het
Maastrichtse koor. Een gewaagde onderneming want deze late werken
van Verdi gelden als de allermoeilijkste koormuziek die Verdi ooit
schreef. Ofschoon niet geheel vlekkeloos uitgevoerd bevestigde het
de totaalindruk van Femmes Vocales als een technisch zeer goed
zingend koor met een mooie muzikale expressie.
Het
Koninklijk s'-Hertogenbosch Mannenkoor zong na de pauze werken van
Badings en Martinu. Vooral de uitvoering van de "Twee
rebellenliederen" van de Tjech Martinu maakte daarbij veel
indruk. Het Bossche mannenkoor heeft een wat andere totaalklank dan
de Gennepenaren maar bij beide koren is de gemeenschappelijke hand
van Marius Schouten merkBaar met name wat betreft de behandeling van
dynamiek. Schouten heeft veel gevoel voor de muziek van Martinu
hetgeen in het slotwerk "Mount of Three Lights" extra werd
onderstreept. Het is fascinerend hoe de dirigent in dit
mini-oratorium - in nauwelijks 10 minuten wordt het leven en lijden
van Jezus verklankt - de spanning opbouwt, culminerend in het door
het koor "geschreeuwde" Crusify
him waarna weer de ontlading volgt in een prachtig slotkoor. De
dirigent werd daarbij op zijn wenken bediend door de beide - zeer
expressief zingende - mannenkoren, de bassolist Bas Ramselaar, een
man met een bronzen stem, en de organist Arthur Gieles.
Geen
toespraken na afloop. Afgezien van het verdiende slotapplaus volgde
na dit indrukwekkende werk alleen nog stilte. Een stilte die bij de
jubilerende zangers ongetwijfeld zal zijn gevuld met gevoelens van
tevredenheid. Terecht!
P.C.H. Nypels
(Deze recensie is gedeeltelijk
gepubliceerd in de 'Maas- en
Niersbode' 15 mei 2001) |